zaterdag 20 oktober 2007

Oprichting van associatie voor restaurants op Curacao

Met de oprichting van de Curacao Restaurant Association (CRA) hoopt de horeca op het eiland de restaurants naar een hoger plan te tillen.
Zo moeten de belangen van de aangesloten horeca beter worden behartigd bij de overheid en moet het niveau van de Horeca omhoog.
Er is immidels een voorlopig bestuur gevormd.
Voorzitter is Martin den Dulk van het onlangs geopende restaurant Skaloko.
Een van de meest in het oog springende initiatieven is het zogenaamde “Dine-around Program”
Dit biedt de toeristen de mogelijkheid om voor hun vetrek naar Curacao al vouchers te kopen waarmee op het eiland bij de aangesloten restaurants kan worden gegeten.
De CRA ziet hier een groeiende markt in.
Een ander punt van aandacht is om volgend jaar samen met het toeristenbureau en de CHATA op zoek te gaan naar een standard system op internationale basis voor de horeca en dat deze dan ook wordt gecontroleerd door de CRA.
CRA kent drie verschillende soorten leden,.
De belangrijkste zijn de zogenaamde “primary members”.
Dit zijn restaurants, bars met een keuken, cateraars en cafes.
Zij kunnen ook onder meer gebruik maken van trainingen en workshops die door de CRA worden verzorgd.
Ook zorgt de nieuwe organisatie voor gezamelijke public relations.
Deze leden moeten per jaar 600 gulden betalen.
De tweede groep die zich kan aansluiten bij de CRA zijn de “associated members”.
Dit zijn mensen en bedrijven die bijvoorbeeld goederen en diensten leveren aan de horeca.
Maar ook bijvoorbeeld nachtclubs kunnen zich aanmelden.
Deze leden betalen 500 gulden per jaar.
Voor 450 gulden per jaar kunnen mensen een “allied membership” kopen.
Deze groep behoort niet tot de horeca maar ze verlenen wel hun steun aan de sector en kunnen deelnemen aan de activiteiten van de CRA.

Ezone op Curacao nader beschreven

Met minder dan een ton (euro) winst is Curaçao niet aantrekkelijk. Dat stelt het in Nederland door VNU uitgegeven Sprout Magazine, een blad dat onderdeel uitmaakt van een platform dat ondernemers bij het runnen en uitbouwen van hun bedrijf zegt te inspireren en ondersteunen.

In de laatste uitgave van Sprout Magazine stelt schrijver Rutger Betlem, met medewerking van Enrico van der Meij van EzoneCentre, onder de kop ‘Belastingvrij ondernemen op Curaçao’ dat geen enkele ondernemer vies is van een belastingvlucht. “Curaçao is een van de vele taxhavens in de wereld. Het eiland hanteert een vennootschapsbelastingtarief van 2 procent. Maar het eiland is niet voor iedere ondernemer weggelegd. Met minder dan een ton winst is Curaçao niet aantrekkelijk.”
De balans volgens Betlem: “Toerisme is de belangrijkste motor van de economie. Reden genoeg voor de regering om naar nieuwe inkomstenbronnen te zoeken. Het instellen van een economische zone in 2001 is daar één van.”
Allereerst zet het blad de voordelen op een rij. Curaçao ligt centraal in de wereld. Handel met economische grootmachten Zuid-Amerika en de VS is eenvoudig, want in dezelfde tijdzone. Daarnaast spreekt een groot deel van de bevolking Nederlands, Engels én Spaans. Het opleidingsniveau is redelijk en de loonkosten zijn laag. Curaçao is vooral aantrekkelijk voor internetbedrijven. Meer dan serverruimte, een directie en een bankrekening in de Antillen is in beginsel niet nodig om van het gunstige belastingtarief gebruik te maken. “U kunt gewoon vanuit Oostknollerdam uw webbedrijf blijven bestieren. Ook producten hoeven het eiland niet eerst aan te doen om onder de regeling te vallen. U kunt gewoon producten verzenden vanuit Nederland.”

Sprout Magazine meldt haar lezers dat de belasting op winst slechts 2 procent is en dat dit percentage is gegarandeerd tot 1 januari 2026, mits zij zich aan bepaalde vereisten houden. Dan is ook de invoer van goederen door de e-zone vrijgesteld van invoerrechten en omzetbelasting en is levering van goederen aan buitenlandse afnemers vrijgesteld van de Nederlands Antilliaanse omzetbelasting. Ook het aannemen van buitenlands personeel kent financiële voordelen (expatriate-regeling). Vereist is dan wel dat de onderneming een rechtspersoon moet zijn (NV/BV), de activiteiten in beginsel gericht zijn op buitenlandse afnemers (dus buiten Curaçao), de activiteiten bijdragen aan de economische groei van de Nederlandse Antillen door of winst te maken of door het bijdragen aan de werkgelegenheid, er een e-zone-vergunning is en de NV/BV in een zogenoemd e-zone-gebouw is gevestigd.

De meeste e-zone-bedrijven houden volgens het blad een moedermaatschappij aan in Nederland. “De Antilliaanse nv is niets meer dan een postbus nv. Maar zolang u contracten en bankzaken door de directie van het e-zone-vennootschap vanuit Curaçao regelt, is de constructie redelijk waterdicht. Het dividend uit de Nederlandse Antillen wordt uitgekeerd aan de moedermaatschappij. Dat komt neer op 98 procent van de winst onbelast.”

HAKEN EN OGEN
Sprout Magazine waarschuwt daarnaast de geïnteresseerde ondernemers ook dat er wat haken en ogen zijn. Het dividend is belastingvrij zolang het in de moedermaatschappij geparkeerd staat. Het blad citeert Van Harten van E-Zone Curaçao als hij zegt: “Pas als het geld van de bv in Nederland naar privé gaat, wordt er belasting geheven (aanmerkelijk belang). Goed voor een heffing van 22 tot 25 procent. De meeste bedrijven in de E-zone brengen daarom de aandelen van de Antilliaanse nv of bv onder in een Stichting Particulier Fonds op Curaçao. Een stichting hoeft niet te melden wie de uitkeringsgerechtigden zijn.”

Ook kan een ondernemer niet zomaar zijn huidige activiteiten overbrengen naar Curaçao. De Nederlandse belastingdienst zal daarvoor altijd een aanslag vennootschapsbelasting over mogelijke stille reserves en goodwill kunnen opleggen. “De fiscus ziet immers belasting op winst verdwijnen uit Nederland. In die situatie is het verstandig om uw adviseur te raadplegen. Als u kiest voor een taxhaven is het het best om in uw nieuwe vestigingsplaats een nieuw bedrijf op te zetten.

COWBOYS
De aan het blad verbonden fiscaal-expert Robert Kok waarschuwt ondernemers zelfs voor de gevaren van een taxhaven: “Ondernemers denken vaak te licht over een belastingvlucht. Er zijn veel cowboys in de markt die ondernemers naar Curaçao begeleiden voor dumptarieven à 1500 euro. Een belastingvlucht vraagt veel voorbereiding en begeleiding. Als je niet bereid bent om in het eerste adviestraject 20.000 euro uit te geven en voor het jaarlijks onderhoud zo’n 10.000 euro te reserveren, dan moet je niet gaan. Ondernemen in e-zones moet je heel goed juridisch inkleden. Een taxhaven is alleen interessant voor bedrijven met een substantiële omzet.” Ook hij noemt een overwinst van minimaal een ton.” (bron: amigoe.com)

donderdag 18 oktober 2007

De zaal La Belle Alliance van het Avila Beach Hotel zit bomvol. Deftige heren en dames komen hun schrijver eer bewijzen. Zij luisteren aandachtig naar de woorden van Aart Broek, samensteller van het driedelige Pa saka kara, de geschiedenis van de Papiamentstalige literatuur. Het gezelschap glimlacht om het ironische relaas van de Nederlandse schrijver Tommy Wieringa.


Eva Breukink (1962) is freelance journaliste op Curaçao. Ze werd geboren in Nederland. Oorspronkelijk kwam ze als studente in 1990 voor een half jaar naar Curaçao, maar ze woont er nog steeds. Eerder werkte ze bij een communicatieadviesbureau en een reclamebureau. Haar uitgangspunt voor deze column is het eiland niet door een Nederlandse bril te bekijken, maar Curaçaose onder de Curaçaoënaren te zijn. Zij is goed op de hoogte van de lokale politiek, de maatschappij en het sociale leven. Kortom, Curaçao is haar thuis geworden.

Pagara, de titel van deze column, betekent Chinese rol: een grote rol klappers en rotjes die op Curaçao traditioneel wordt afgestoken bij de jaarwisseling. Dit gaat gepaard met veel kabaal en een enorme rookontwikkeling, wat de geesten zou verdrijven voor het nieuwe jaar.

Mooie woorden. Over ‘kijken' en ‘zien'. Over de ‘writer's writer'. Maar de schrijver zelf is er niet. Wat zou hij eigenlijk van zo'n avond gevonden hebben? Zou hij ontroerd zijn door de vleiende woorden en de enorme belangstelling? Dit is natuurlijk wel zíjn plek: Avila Beach. Hier dronk hij 's ochtends zijn koffie. Misschien schreef hij hier wel een van die boeken waar hij nu een prijs voor heeft gekregen.
Of zou hij het ook jammer vinden dat zijn publiek zo verouderd en gearriveerd is? Probeerde hij met zijn woorden toch vooral de minder gefortuneerde jongens en meisjes te raken? Nee, Boeli is er niet bij. De schrijver gaat niet meer zo vaak uit. Maar de volgende dag staat zijn portret op de voorpagina van de Amigoe. Met de karakteristieke hoed op zijn hoofd en de nog altijd priemende blik in zijn ogen. De schrijver ontvangt op zijn vijfentachtigste verjaardag een prijs voor zijn oeuvre van het Nederlandse Fonds voor de Letteren.

Die foto. Het lichaam is misschien verouderd, maar de geest lijkt nog even jong. Net zoals zijn boeken:
‘Curaçaoënaars zijn de beste kraandrijvers, bulldozerbestuurders en hijsspecialisten ter wereld. Ik heb eens een man met een bulldozer bezig gezien op de break waters van het Seaquarium en ik kan u vertellen, it is a high art...Zet diezelfde man in een fabriek, waar om acht uur een sirene begint te loeien, en hij disfunctioneert ter plaatse.

Maar deze begaafdheid heeft een schaduwzijde. Een moderne samenleving moet het ook hebben van gespecialiseerde middelmatigen, van schoenmakers die zich bij hun leest houden en die werken voor de kost, ook als ze daar, op een bepaald moment, geen zin in hebben. Edoch, het talent van de Curaçaoënaar openbaart zich uitsluitend wanneer hij zin heeft om iets te doen. Hij wil geen kelner zijn, dus is hij een slechte kelner. Hij werkt zestien uur per dag aan een praalwagen, omdat hij daar zin in heeft. Maar hij heeft geen zin om in welk gareel dan ook te lopen.

Aruba is daarom zo'n groot succes, omdat de bevolking zich daar wel onderwerpt aan opgedragen taken, die, in groter verband, de gemeenschap dienen. Wij zijn een volk van ongedisciplineerde, inventieve, natuurlijk begaafde mensen, die op geen enkele manier gebundeld kunnen worden tot een regiment. All chiefs, no Indians. Een volk van generaals met carnavalsepauletten! Ieder leger bestaat uit een menigte grauwe soldaten, die links-om-keer en rechts-om-keer kunnen maken en op commando in de houding gaan staan. Dat verdommen we ten enenmale. Wie niet kan wennen aan deze geniale anarchie, hij repatriëre ten spoedigste of verhuize naar Aruba!' (Uit: ‘Geniale Anarchie', 1990).

Het boek is zeventien jaar oud. Het kaft is wat gekreukeld en de pagina's zijn al een beetje vergeeld. Maar de boodschap is van deze tijd. Omdat die Curaçaoënaar, zoals Boeli van Leeuwen hem beschrijft, vandaag de dag in wezen dezelfde is. En dat is misschien maar goed ook. Bron: caribiana.nl).

woensdag 17 oktober 2007

Aantal inwoners Bonaire groeit

Met nog een kwartaal te gaan in 2007, is de bevolking van Bonaire dit jaar gegroeid met 473 inwoners. Het jaar begon met 14.006 personen en per eind september waren er 14.479 ingeschreven. Dit zijn cijfers van de afdeling Burgerzaken van het eilandgebied.

In de eerste negen maanden van het jaar zijn er 114 kinderen geboren en waren er 49 sterfgevallen. Tot nu toe vestigden zich 895 personen op Bonaire, terwijl 487 emigreerden.

Van de immigranten zijn de meesten uit Nederland, namelijk 292; 229 komen van de andere eilanden van de Nederlandse Antillen, 79 uit de Verenigde Staten, 60 uit Peru, 51 uit Colombia, 36 uit de Dominicaanse Republiek en 33 uit Aruba.

De maand met de grootste groei was januari met 102 personen. Behalve de maand juli is er elke maand een groei te zien. In juli is er een afname van de bevolking met twee inwoners. Dat is namelijk de maand waarin veel studenten Bonaire verlaten. In totaal emigreerden in juli 110 personen, voor de maand met de grootste emigratie.

In juni schreven 134 personen zich in op Bonaire, in januari 122, in september 105 en in augustus 104.

Van de 14.479 inwoners die op 30 september ingeschreven waren, zijn er 7453 (51 procent) mannen en 7026 (49 procent) vrouwen. 47 Procent is tussen 31 en 60 jaar oud, 18 procent tussen 0 en 12, 8 procent tussen 13 en 18, 14 procent tussen 19 en 30 en 13 procent is zestigplusser.

De meeste immigranten zijn in Antriol (211), Nikiboko (128) en Playa Pabou (75) gaan wonen (bron: amigoe).